Aantekeningen: A Page of Madness

Eiko Minami - A Page of Madness (1926) hands

:::|:::|:::|:::|:::|:::|:::|:::|:::|Kurutta Ippêji|:::|:::|:::|:::|:::|:::|:::|:::|:::

Het is altijd waanzinnig om op iets fantastisch getrakteerd te worden. Maar een film die decennialang verloren is gewaand, een film die fel afsteekt bij zijn contemporaine evenknieën uit hetzelfde land, en die dan ook nog eens wordt begeleid met live muziek? Amai, Cultuur op de Campus, heb je stiekem mijn verlanglijstje zitten lezen. Maar laten we Page of Madness zelf eens aanboren, dat is waar deze rubriek voor is bedoeld.

Het verhaal – of ja, verhaal? – van een oude man die een baan neemt bij een gesticht om te proberen zijn echtgenote te kunnen bevrijden is vooral een beeldenbrij, een aaneenschakeling van visuele technieken, probeersels en montages daartussen. Maar alleen het visuele aspect is niet het meest verbijsterende.

Wat de film het allerbest doet is spelen met de loop van de tijd. Behalve een voor de kijker moeilijk navolgbare chronologische structuur – het is onmogelijk om de puzzel op te lossen wat wanneer gebeurt, doet het er überhaupt toe? – is het ook onmogelijk om te herleiden hoe lang alles wat je ziet in de voorgestelde real time zou hebben geduurd. Duurt een hallucinatie de volle anderhalve minuut die ze in beeld inneemt, of slechts een paar tellen? Misschien zelfs dagen aan een stuk. Tijd glipt je als kijker door de vingers, misschien een van de beste manieren om gekte op een uiterst filmische manier uit te beelden.

PoM_still_2Er zijn twee visuele representaties die me het meest hebben beklijfd tijdens het zien van de film, waar ik echt even dacht: dit stijgt zelfs boven de rest van de film uit.

Te beginnen met een scène waarin we een vrouw in haar cel zien dansen. Dit gegeven is een terugkerend beeld in de film, maar in één scène raakt het iets diepers. Een andere patiënt kijkt tussen de spijlers door mee, en we zien wat deze persoon ziet. De tijd loopt sneller, de danseres zien we in haar echte vorm en in een voorgestelde vorm. Is het wat de medepatiënt ziet, is het hoe ze zichzelf ziet? Geen idee, maar ook het publiek van de danseres groeit. Er staan meerdere mensen, en er flitsen ook daar meerdere voorstellingen van de personen door elkaar heen. Het is alsof de gektes van de verschillende personages elkaar versterken, dat ze als een katalysator op elkaar inwerken. Het lijkt bijna een kritiek op het gesticht: opsluiten heeft geen zin, verschillende vormen van waanzin zwengelen elkaar harder aan. De scène ontspruit in een enorm gedrang en geworstel buiten de cel, wat deze notie alleen nog maar verder aandikt.

Op het einde is er een climax, een verzadigingspunt en resolutie voor de gekte, die wordt uitgebeeld door hoe de oude man maskers over de hoofden van de patiënten trekt. Zelf doet hij er ook een op. Het is een vrolijk gebeuren, een ontlading na alle heftigheid. Het zijn maskers uit het Nō-theater, en die zijn zeer bijzonder. De uitdrukking van de gezichten van de maskers veranderen bij het draaien van je hoofd. Een masker dat boos kijkt als je de kin vooruitsteekt, kan diep treurig kijken wanneer je voorhoofd uitsteekt. De spelers maken er gretig gebruik van, door het zachte knikken lijken de maskers echt te lachen. Je hoort ze bijna, zo sterk is het visueel.

De live begeleiding werd verzorgd door muzikant en Volkskrant-filmkenner Kevin Toma. Zijn staccato pianotonen waren een goede voortstuwende kracht op de beelden. Terwijl de hamers op de snaren botsten, werden de stukjes waanzin ons brein verder binnen getikt. Het voelde als kloppende hamers tegen de binnenkant van de schedel. Maar het meest sprekend waren de echo’s en herhalingen, de reverberations en loops, die benadrukten hoe de gekheid een soort eeuwige loop is waarin de psyche zich bevind. Het heeft iets moois om te weten dat ik het met zekerheid nooit meer in mijn leven zo zal horen.

Eiko Minami - A Page of Madness (1926) 1

Advertenties

Een gedachte over “Aantekeningen: A Page of Madness

  1. Mooie film idd. Vaak wordt gezegd dat deze film beïnvloed is door Caligari, al zie ik zelf los van het thema weinig gelijkenissen met deze weinig bewegelijke Duitse film. Mij deed deze film visueel vooral denken aan Der Letzte Mann van Murnau of de Franse Avant Garde (Ménilmontant van Kirsanoff, Germaine Dulac of de snelle montage van Abel Gance en Epstein). Ik wil hier nog even iets aan toevoegen dat niet iedereen schijnt te weten, namelijk in hoeverre deze film te interpreteren als een abstract of weinig begrijpelijke film. In de jaren 20 werden in Japan alle stomme films begeleid door een benshi (een verteller). Dit was een traditie die terugging op het Japanse toneel van voor de uitvinding van de film. Om die reden konden Japanse filmmakers zich een redelijke vrijheid permitteren mbt het vertellen van een verhaal aangezien ze wisten dat in de bioscoop de film toch aan elkaar gepraat werd door een benshi. Dit goldt ook voor A Page of Madness. Daarom dat de film voor het Japanse publiek beduidend beter te volgen was dan nu voor ons, aangezien wij er geen benshi bij hebben. Het was dus niet zo dat Kinugasa opzettelijk van plan was om een onbegrijpbare of abstracte film te maken ofzo. Deze Kinugasu had trouwens nog een behoorlijk lange carriere na deze film en regisseerde in 1953 een van de eerste Japanse kleurenfilms en ook een van de eerste Japanse films die in het Westen te zien was: Gate of Hell. Zeker de moeite waard om eens te zien vanwege het prachtige kleurengebruik. Sinds kort op dvd bij Criterion en Eureka.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s